Geschiedenis 2001 - 2010

Premier Balkenende in 'het Torentje'.
Premier Balkenende in 'het Torentje'.

In mei 2002 werd het CDA bij de Tweede Kamerverkiezingen met 43 zetels de grootste partij onder leiding van Jan Peter Balkenende, die nog geen acht maanden eerder tot lijsttrekker was aangewezen. De verkiezingen werden overschaduwd door de moord op Pim Fortuyn, de aanvoerder van de Lijst Pim Fortuyn (LPF), anderhalve week voor de verkiezingen. In de erop volgende dagen van grote politieke en maatschappelijke onrust leek het CDA een baken van stabiliteit, wat bijdroeg aan de goede verkiezingsuitslag.

Aan de acht magere jaren van oppositievoeren kwam voor het CDA een einde; met Balkenende als politiek leider brak een regeerperiode van eveneens acht jaar aan. Van 2002 tot 2010 leidde Balkenende drie regeringscoalities, die overigens geen van alle de eindstreep haalden. Zijn eerste kabinet (2002-2003) ging ten onder door conflicten binnen coalitiepartner LPF, die na de moord op Fortuyn stuurloos was geworden. Het tweede kabinet-Balkenende (2003-2007), gevormd met VVD en D66, was onder andere met de hervorming van het zorgstelsel meer succesvol. Bij de vormgeving van de nieuwe Zorgverzekeringswet speelde het Wetenschappelijk Instituut voor het CDA een belangrijke rol. In 2006 stapte D66 uit de coalitie, waarna het derde kabinet-Balkenende de verkiezingen voorbereidde. Vervolgens ging het CDA met de PvdA en de ChristenUnie in zee. Dit vierde kabinet-Balkenende strandde in 2010.

Na bij de Tweede Kamerverkiezingen in 2002, 2003 en 2006 telkens ruim veertig zetels te hebben behaald, kwam het CDA bij de Tweede Kamerverkiezingen in 2010 op 21 zetels uit. Balkenende was, ondanks openlijke twijfel van sommige prominenten in het CDA, opnieuw lijsttrekker geworden. Na het electorale verlies trad hij als politiek leider terug en kwam aan het tijdperk-Balkenende een einde. Achteraf zou een commissie onder leiding van het voormalige Tweede Kamerlid Léon Frissen in een rapport constateren dat ten tijde van de regeerperiode de macht in het CDA geconcentreerd was geraakt in een 'inner circle' rond politiek leider Balkenende en dat het interne debat was verstomd – alles vanwege de gevoelde noodzaak van ‘stabiliteit en rust’. Net als de commissie-Garderniers in 1994 meende de commissie-Frissen dat de leden zich hierdoor niet gehoord voelden.

In deze periode vernieuwde het CDA zijn organisatie, als uitvloeisel van de zware nederlaag bij de Tweede Kamerverkiezingen van 1994. In 2003 maakte het getrapte systeem van afdelingsafgevaardigden en indirecte ledeninvloed plaats voor rechtstreekse zeggenschap van de leden, met voor hen spreek- en stemrecht op het partijcongres. In 2002 waren er voor de eerste keer in de partijgeschiedenis een verkiezing voor het partijvoorzitterschap waaraan alle partijleden konden deelnemen en die werd gewonnen door Marja van Bijsterveldt. Ook werden er nieuwe vormen van lidmaatschap geïntroduceerd in een poging de aanhoudende daling van het ledental te stoppen, zoals het proeflidmaatschap en het meerpersonen-lidmaatschap.

In 2005 vierde het CDA zijn vijfentwintigjarig jubileum met tal van activiteiten over het jaar verspreid. Zo was er een familiedag in de Efteling waar ruim 3.000 CDA-leden op afkwamen. Ook was er een oecumenische viering in de Sint-Janskathedraal in ‘s-Hertogenbosch.

Foto van iemand die een overzicht van de foto's 25 jaar CDA bekijkt
Een banner met foto's van 25 jaar CDA uit 2005.
Foto van auto met daarop een grote sticker van 'onze vakman' Jan Peter Balkenende
Bij de start van de verkiezingscampagne in 2010.